Microsoft Fabric is een SaaS-platform (software-as-a-service) dat verschillende analytics-workloads onder één dak brengt. In plaats van losse producten zoals Azure Synapse, Azure Data Factory en Power BI apart te beheren, met elk hun eigen beveiligingsmodel, opslag en facturatie, biedt Fabric een geïntegreerde ervaring waarin al deze onderdelen native samenwerken.
Het platform is opgebouwd rond zeven kernonderdelen, ook wel "experiences" genoemd:
Het bijzondere is niet dat elk van deze onderdelen op zich nieuw is, maar dat ze allemaal dezelfde onderliggende data delen zonder dat je die data telkens moet kopiëren of verplaatsen.
De kern van Microsoft Fabric is OneLake, een centraal, tenant-breed data lake dat automatisch wordt meegeleverd met elke Fabric-omgeving. Je kunt het vergelijken met OneDrive, maar dan voor data in plaats van documenten: elke gebruiker en elk team binnen een organisatie werkt vanuit dezelfde onderliggende opslag.
Dat heeft een aantal directe voordelen:
Veel bedrijven kampen met wat vaak "data silo's" wordt genoemd: afdelingen die met dezelfde klant- of verkoopdata werken, maar via compleet gescheiden systemen. Dat leidt tot inconsistente rapportages, dubbel werk en trage besluitvorming.
Microsoft Fabric pakt dit op een paar manieren aan:
Eén governance-laag. Via de ingebouwde koppeling met Microsoft Purview krijgen organisaties overzicht over waar gevoelige data zich bevindt en wie daarbij kan, zonder dat dit per tool apart geregeld hoeft te worden.
Directe aansluiting op Power BI. Rapportages in Power BI kunnen rechtstreeks putten uit dezelfde data in OneLake, zonder tussenliggende exports of verversingsschema's. Dat verkort de tijd tussen het binnenkomen van data en het moment dat iemand er een beslissing op kan baseren.
Lagere beheerlast. Doordat capaciteit centraal wordt ingekocht (via zogenaamde Fabric-capaciteitseenheden) in plaats van per los product, wordt het makkelijker om kosten en gebruik te overzien.
Stel dat een retailbedrijf verkoopdata binnenkrijgt vanuit kassasystemen, voorraadgegevens uit een ERP-systeem, en klantgedrag vanuit een webshop. Traditioneel zou dit drie aparte pijplijnen vergen, elk met een eigen opslaglaag, om uiteindelijk in een dashboard samen te komen.
Binnen Fabric kunnen deze bronnen via Data Factory worden ingeladen in OneLake, waarna Data Engineering-pijplijnen (met Spark of SQL) de data opschonen en combineren. Een data-analist kan vervolgens in Power BI direct rapporteren over dat gecombineerde model, terwijl een data scientist tegelijkertijd op diezelfde data een voorspellend model traint voor voorraadbeheer.
Allemaal zonder de data ergens anders naartoe te kopiëren.
Fabric is geen wondermiddel en niet voor elke organisatie meteen de juiste keuze: